07-02-2023
Per 1 juli 2023 is de Wet tegengaan huwelijkse gevangenschap en enige andere onderwerpen (Stb. 2023, 84) in werking getreden. Hoewel deze wetswijziging niet veel aandacht heeft gekregen, brengt ze een ingrijpende verandering teweeg. Deze wetswijziging heeft namelijk aanzienlijke gevolgen voor de duur van de voorlopige voorzieningen partneralimentatie.
De hoofdregel van artikel 826 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) is dat voorlopige voorzieningen eindigen bij de inschrijving van de echtscheidingsbeschikking in de registers van de burgerlijke stand. Hierop bestaan enkele uitzonderingen, waaronder sinds 1 juli 2023 ook voor de partneralimentatie. De voorlopige voorziening partneralimentatie loopt sinds de nieuwe wet door totdat de beslissing op het verzoek nevenvoorzieningen partneralimentatie in kracht van gewijsde is gegaan.
Het risico van de wetswijziging is, dat er mogelijk voor een langere periode een voorlopige voorziening geldt die slechts na summier onderzoek in de voorlopige voorzieningen procedure is vastgesteld en niet (langer) aan de wettelijke maatstaven voldoet. De wet geeft dan de mogelijkheid om een wijzigingsverzoek van de voorlopige voorziening aanhangig te maken. Een dergelijk verzoek wordt echter niet snel toegewezen: de criteria zijn streng. Een verzoek tot wijziging kan worden ingediend bij de rechtbank en bij het gerechtshof. De grondslag om een verzoek bij het gerechtshof aanhangig te maken, kan worden gevonden in het procesreglement van de gerechtshoven en niet in in de wet.
Er zijn dus mogelijkheden om een voorlopige voorziening partneralimentatie te wijzigen. Heb je hier vragen over? Neem dan contact op met mr drs. Y.M. Bérénos via y.berenos@groenendijk.com.